Heb jij het brave-meisjes-syndroom? Dit is hoe je het herkent (en doorbreekt)
2 juni 2026
Altijd je beste beentje voorzetten, netjes doen wat er van je wordt verwacht, behulpzaam zijn en niet te veel opvallen. Yasmine (37) is wat je noemt ‘een braaf meisje’. Steeds vaker vraagt ze zich af: waarom doe ik altijd wat anderen van me verwachten? Kan het niet wat rebelser?
Het gekste wat ik ooit heb gedaan? Ik zou het oprecht niet weten. Misschien door rood fietsen als er niemand aankomt? Zelfs als puber volgde ik keurig de regels. Ik heb nooit gespijbeld, dat durfde ik niet. Behalve misschien die keer dat mijn moeder me had ziek gemeld, omdat het haar goed uitkwam dat ik thuis was als er een nieuwe kast werd bezorgd (zij is een stuk rebelser dan ik). Ze herinnerde me er laatst aan dat er een keer een sneeuwstorm was en dat ik tóch de twaalf kilometer naar de middelbare school fietste. Om er daar achter te komen dat-ie dicht was. Ook tijdens mijn studies was ik het beste meisje van de klas, ik studeerde zelfs sneller af dan in de vier jaar die ervoor stonden. En in de jaren dat ik op een kantoor werkte, durfde ik nooit voor half zes te vertrekken, zelfs niet als ik mijn werk allang af had. Misschien dat het daarom ook zo goed bevalt om freelancer te zijn, er is niemand anders die de regels bepaalt. Al voel ik me zelfs nu weleens schuldig als ik pas om tien uur ’s ochtends mijn laptop openklap.
Jezelf wegcijferen
Ik ben niet de enige die keurig doet wat hoort en waarvan ik denk dat anderen het van mij verwachten. Er is zelfs een naam voor, het brave-meisjes-syndroom, of in het Engels: the good girl syndrome. De Amerikaanse psycholoog Lois P. Frankel kwam in 2005 het eerst met deze term in haar boek Nice girls don’t get the corner office. Dit boek draait helemaal om werksituaties en om het idee dat vrouwen die geneigd zijn tot toegeeflijkheid, ondergeschiktheid en conflictvermijding meestal niet de professionele erkenning krijgen die ze willen en verdienen. Zo komen ze dus nooit in aanmerking voor betere banen en hogere functies.
Toch werd de term pas recenter populair. Zo verscheen eind vorig jaar het boek Het good girl syndroom van de Spaanse psycholoog Marta Martínez Novoa. Zij trekt het verder dan alleen de werkvloer en stelt dat je het brave-meisjes-syndroom in alle facetten van je leven kunt terugzien, zoals in relaties of vriendschappen, waarin je je nogal pleasend opstelt, om conflicten te vermijden. Ook gebeurt het vaak dat vrouwen hun gezin op de eerste plaats zetten en zichzelf wegcijferen. Hoewel de oorzaak van het brave-meisjes- syndroom er volgens haar deels in ligt hoe we in onze maatschappij naar vrouwen kijken – lange tijd werd zelfs gedacht dat vrouwen nu eenmaal dienstbaar zijn – is het vooral een aangeleerd patroon waarin meisjes leren dat liefde en veiligheid samenhangen met aanpassen en inschikken.
Lees ook: ‘Zo versterk je je veerkracht (en dít levert het je op)’
Braaf doen in plaats van zijn
Lizette van Loenen, lichaamsgericht (trauma)therapeut en auteur van het pas verschenen boek Onvoorwaardelijk voelen, vult aan. “Veel mensen denken dat zij nou eenmaal zo zijn, dat ze heel erg makkelijk zijn of braaf zijn. Maar je bént geen braaf meisje, je dóét een braaf meisje”, zegt ze. Dat uit zich vaak in een voortdurende druk die je jezelf oplegt om het goed te doen, om te presteren. Fouten maak je liever niet en je grootste angst is om in een conflict terecht te komen. “Je hebt het idee dat je de hele tijd moet doen wat er van je verwacht wordt. Emoties en creativiteit krijgen daarbij weinig plek. Dat kan mentaal en emotioneel heel belastend zijn. Het kan zelfs een opgesloten gevoel geven, alsof je nooit echt kunt ontspannen.”Opvallend: ze ziet dit patroon in haar praktijk ook bij mannen. “Mannen hebben ook, zij zijn ook geneigd om het goed te willen doen of zichzelf niet goed genoeg te voelen. Alleen uit het zich soms anders: zij gaan zich vaker bewijzen, terwijl vrouwen eerder stiller en kleiner worden. Maar diep van binnen voelen ze zich hetzelfde.”
Comflictvermijdend
Volgens Van Loenen ontstaat het lieve-brave-meisjes-syndroom, zoals zij het in haar boek noemt, vooral in de kindertijd, bij een strenge of juist heel losse opvoeding. In beide gevallen leert een kind te weinig om op zichzelf te vertrouwen: het leert niet voelen wat oké is en wat niet, leert niet dat de eigen toevoeging waardevol is en krijgt onvoldoende veiligheid om fouten te maken of teleurstelling te verdragen. Omdat conflict dan onveilig voelt, wordt het volgen van verwachtingen een manier om ongemak te vermijden. Zonder dat innerlijke kompas ga je doen wat je denkt dat hoort. Van Loenen: “Dan denk je: weet je wat, ik ga het maar gewoon doen zoals ik denk dat het moet. Dan komt er geen conflict en dan voel ik me niet ongemakkelijk.” Ook het niet leren van ruzie maken kan leiden tot het brave-meisjes- syndroom. In haar boek beschrijft Van Loenen hoe iemand die ze begeleidde de ‘silent treatment’ kreeg. Haar ouders uitten zelden hun boosheid of verdriet, maar creëerden een soort ‘koude oorlog’. “De silent treatment is eigenlijk het laten weten: ik ben niet blij met jou, maar ik ga er niet over uitweiden, dus je zoekt het maar uit. Als er niet op een constructieve manier over gepraat wordt, weten kinderen niet wat er mis is gegaan en waarom. Ze kunnen zelf niet altijd inschatten waar ze fout zaten”, zegt Van Loenen. “En dan leert het kind niet dat het veilig is om fouten te maken, het oneens te zijn en erover te praten. Kortom: dat een conflict veilig is.”
Het brave-meisjes-syndroom heeft me veel gebracht. Ik ben zonder problemen en al te hoge studieschuld afgestudeerd en kreeg vrijwel altijd goede beoordelingsgesprekken op mijn werk. Er werd alleen af en toe gezegd dat ik wat meer initiatief mocht tonen. Ook privé heb ik eigenlijk zelden gedoe. De meeste mensen vinden me easy going, wat ik als een compliment beschouw, want ik wil ook graag iedereen te vriend houden. Pas de laatste jaren merk ik wat het me óók kost. Dat ik mezelf voortdurend langs een onzichtbare meetlat leg, dat ontspanning niet vanzelf komt en dat mijn reflex zelden is: wat wil ík eigenlijk? Volgens Van Loenen is dat een belangrijk kantelpunt: het moment waarop je merkt dat aanpassen je ooit veiligheid gaf, maar nu vooral ruimte inneemt.
Lees ook: ‘5 Inspirerende boeken die je helpen groeien’
Laat de rebel in je los
Wat zou er gebeuren als ik het eens anders ga doen? Tijdens een coachingopleiding naast mijn werk als freelance journalist kreeg ik onlangs een eyeopener. Tijdens die opleiding leerden we een format voor elk gesprek met een coachee. In theorie klonk dat handig, maar in de praktijk hielden mijn coachees zich daar natuurlijk totaal niet aan. Ik zocht de oorzaak onmiddellijk bij mezelf en vroeg tijdens een opleidingsdag wat het nut was van een bepaalde regel en hoe ik me daar beter aan kon houden. Waarop de trainer de magische woorden uitsprak: “Nou, als het niet werkt, dan doe je het toch niet, ik was perplex. Het was nooit in mij opgekomen dat ik ook eens iets níét zou kunnen doen zoals het hoorde. Ze gaf me daarna de tip om de ‘rebel’ in mezelf wat vaker los te laten.
Rebellie heeft vaak een slecht imago, maar je wordt er juist autonomer, zelfverzekerder en volwassener van, meende zij. Dat sluit aan bij wat Lois P. Frankel schrijft in Nice girls don’t get the corner office. “Je moet aardig zijn om succes te hebben, maar alleen aardig zijn is niet genoeg. Als je te veel bezig bent met aardig en lief zijn, ontwikkel je andere eigenschappen onvoldoende en kun je je doel nooit op een volwassen manier bereiken.” Maar hoe doe je dat dan, rebelser worden? Want zelfs rebelleren wil ik goed doen. Het hoeft in elk geval niet te betekenen dat je bitchy gaat doen of je heel mannelijk gaat gedragen, schrijft Frankel. Gelukkig maar.
Wie ben ik?
Ook Van Loenen beaamt dat als je niet meer klakkeloos de regels gaat volgen, je zelf gaat nadenken en je je dus eigenlijk volwassener gaat gedragen. Als een vrouw in plaats van een braaf meisje. “Je hebt dan geen bevestiging meer nodig van anderen. Het is interessant om jezelf af te vragen waarom je dit nu nog wel doet. En ook wat voor beeld van jezelf omhoogkomt als je dit loslaat en alles op je eigen manier gaat doen.” Ik denk erover na, maar heb geen idee. “Dat zeggen mensen dan altijd”, reageert Van Loenen lachend. “Maar je weet wél wie je bent, je geeft er alleen nog geen aandacht aan. Je bent nu gefocust op het doen zoals het hoort, dat is waar je energie naartoe gaat. Je vraagt je niet af: hoe zou ik het wíllen doen?” Dat is volgens haar dan ook de sleutel tot minder braaf worden. “Geef meer aandacht aan hoe jij het zou willen doen. Dat wil overigens niet meteen zeggen dat je dat dan letterlijk ook gaat doen, dat lukt niet meteen. Maar op een gegeven moment kun je er niet meer omheen en krijg je automatisch zin om het op jouw manier te doen. Geef het tijd, bewustwording is de eerste stap. En ja, jij hebt ook een rebel in je. Die komt misschien nu alleen naar boven als je wat hebt gedronken of als je aan je taks zit en je ineens ruimte voor jezelf gaat opeisen, maar die kan ook op andere momenten aan het stuur gaan zitten.
Lees ook: ‘Dit is waarom je soms zo heftig reageert’
Rebelleren als experiment
Eerlijk, ik ben nog steeds geen grote rebel. Maar inmiddels pleeg ik wel kleine dwarse daden. Tijdens een weekend weg met de familie van mijn vriend tóch de wijnglazen in de vaatwasser doen bijvoorbeeld, ook al mag het niet van mijn schoonmoeder. Of besluiten iets níét te doen, zonder daar meteen een goede reden of uitleg bij te geven. Ik probeer het rebelleren als een experiment te zien. Zo wordt de angst om dingen fout te doen meteen minder, ik was immers gewoon wat aan het testen. Het gaat nog niet altijd vanzelf. Op een dag dat het sneeuwt, heb ik er bijvoorbeeld moeite mee om van het gladde fietspad af te gaan en op de weg te rijden waar wél gestrooid is. Zelfs al is er geen auto te bekennen en is het waarschijnlijk echt de veiligste optie. Zodra ik dit door heb, moet ik een beetje om mezelf lachen. Ik zie hoe diep dat ‘doen wat hoort’ in mij zit. Maar bewustwording is de eerste stap om de rebel in mijn meer ruimte te geven, dus ik stuur mijn fiets toch lekker de weg op. Als ik nu maar niet word aangehouden.
LEES OOK
Tekst: Yasmine Esser
Uit andere media