Kaarsen Bij Een Bad

Waarom kaarsen slecht voor je gezondheid kunnen zijn

Tijdens een romantische avond, een knusse zondag op de bank of op een feestelijk gedekte tafel: kaarsen zijn veelzijdige sfeermakers. Toch lees je ook steeds vaker dat ze niet altijd goed zijn voor je gezondheid.

Hoe zit dat precies?

Fijnstof

Als je kaarsen brandt, komt er fijnstof vrij. Dit verslechtert dat de luchtkwaliteit binnenshuis en kán gevolgen hebben voor je gezondheid. Vergelijk het maar met de blootstelling aan sigarettenrook als je zelf niet rookt: het is niet zo dat je in één klap longklachten krijgt, maar op lange termijn kun je wel degelijk last ervaren.

Naast fijnstof komen er ook zogenaamde vluchtige organische stoffen (VOS) vrij. Benzeen en formaldehyde, bijvoorbeeld. Deze kunnen je ogen en longen irriteren en zorgen voor duizeligheid en hoofdpijn – vooral als je veel tegelijk brandt. En doe je graag geurkaarsen aan? Dan kun je last krijgen van de geurstoffen.

Hoe brand je kaarsen veilig?

Hoewel bovenstaande misschien wat beangstigend voor je klinkt, betekent dat niet meteen dat je nooit meer kaarsen aan mag steken. Wel is het belangrijk dat je de ruimte waarin je kaarsen brandt, goed ventileert. Zo verlaag je de hoeveelheden schadelijke stoffen in de ruimte. Meer tips:

  • Check altijd eerst het etiket. Daar vind je handige informatie over hoe je de kaars het best gebruikt. De instructies en veiligheidssymbolen kunnen per type kaars verschillen.
  • Laat de kaars bij het eerste gebruik net zo lang branden tot de hele bovenlaag van de was gesmolten is. Zo voorkom je een kuiltje en blijft je kaars mooi egaal branden.
  • En vergeet niet: laat een kaars nooit helemaal opbranden en gebruik het liefst een kaarsendover in plaats van uitblazen. Dat is niet alleen beter voor je luchtkwaliteit, maar ook net wat chiquer aan tafel.

LEES OOK

Uit andere media