japanese walking

Een betere conditie en minder buikvet? Probeer ‘Japanese walking’

Als je elke dag wandelt, ben je al goed bezig. Maar wist je dat je met een kleine aanpassing nóg meer uit je rondje kunt halen? En nee, je hoeft echt niet harder te trainen en het kost je ook geen uren extra.

De wandeltrend overgewaaid uit Japan heet Japanese walking: een slimme manier van wandelen waarbij je tempo afwisselt. En die verrassend effectief is voor je conditie én het verbranden van vet.

Wat is Japanese walking?

Japanese walking, ook wel intervalwandelen genoemd, draait om afwisseling. In plaats van één tempo aan te houden, wissel je rustig wandelen af met korte, intensievere stukken.

Een veelgebruikte opbouw is bijvoorbeeld:

  • 3 minuten stevig doorwandelen (je ademhaling gaat omhoog)
  • 3 minuten rustig wandelen (hersteltempo)

Dit herhaal je een paar keer, meestal zo’n 30 minuten in totaal.

Waarom is het zo goed voor je?

Het geheim zit in die afwisseling. Door korte stukken sneller te lopen, gaat je hartslag omhoog. Tijdens de rustige momenten herstelt je lichaam weer. Die combinatie zorgt ervoor dat je conditie beter wordt en je meer calorieën verbrandt. Het lijkt eigenlijk een beetje op intervaltraining, maar dan laagdrempeliger. En helemaal fijn: je hoeft geen topconditie te hebben om hiermee te beginnen. Je bepaalt namelijk zelf hoe ‘snel’ en hoe ‘rustig’ je gaat.

Zelf ook beginnen?

Bouw het dan rustig op:

Start met kortere intervallen (bijvoorbeeld 2 minuten om en om), verleng dit langzaam naar 3 of 4 minuten en het allerbelangrijkste: luister naar je lichaam. Je hoeft immers geen marathon te lopen.

LEES OOK

Uit andere media